Otis

11401226_10153126201489900_3813308883892638538_n

Bijna 8 maanden. Dat het snel gaat. En soms ook niet. Dat het nog altijd wat zoeken is. En soms ook niet.

Kafka in Texas

Weet je nog vorig jaar dat ik twee dagen voor we terug naar België zouden verhuizen op Facebook postte dat we toch in Texas bleven? En weet je nog dat ik toen zweerde dat dit me nooit meer zou overkomen? Awel, het is zover. Nee, we verhuizen (nog) niet naar België, maar Kafka heeft ons weer te pakken. Over twee weken verloopt ons Amerikaans visum en we weten nog altijd niet of we nu wel of niet kunnen blijven. Jup. Slik.

Slik.

Ik weet het. Ik loop al sinds november rond met die onzekerheid (toen dienden we onze aanvraag voor verlenging in en toen liet de advocaat weten dat ze extra streng zijn voor Nederlanders…), maar het begint nu wel echt te spannen. Ik ben altijd in de veronderstelling geweest dat het wel goed zou komen, maar nu de einddatum steeds gevaarlijker dichterbij komt… beginnen mijn knietjes toch wat te knikken. Bovendien kan ik ook niet met vakantie naar België zolang ons visum niet geregeld is.

Ik zou hier een hele moeilijke uitleg kunnen doen met de weg die we al bewandeld hebben enzo, maar dat ga ik jullie besparen. Maar geloof me we doen er alles aan om de papiermolen te versnellen. En we proberen rustig te blijven. Ook al klopt mijn hart al veertien dagen in mijn keel (Sinds we betaald hebben voor een versnelling hoger, zodat we over vijftien WERKdagen meer zouden weten.). Oskar vraagt me elke dag: “Hoeveel keer nog slapen voor we naar opa en oma gaan?” En elke dag antwoord ik met: “Als ons visum in orde is, springen we op het vliegtuig.”

Duimen jullie allemaal mee dat we eind juni de goedkeuring binnen hebben en we op dat vliegtuig richting België kunnen stappen. Oskar needs it. En ik ook. Heel erg.

UPDATE: Meneer froeliesjes belde net… ons visum is goedgekeurd. Zonder problemen. Yes!

1524710_10153102599809900_8552382438808637226_n

huismusjes

11393154_10153099165834900_2047923713486894717_n

Het viel mij vandaag op dat ik vooral foto’s maak van mijn kindjes binnen, terwijl we eigenlijk best veel buiten en op stap zijn. De dagen dat we een hele dag thuis zijn, vallen op één hand te tellen. En toch post ik bijna nooit foto’s van mijn kindjes in het zwembad of mijn kindjes die de Ikea op stelten zetten ofzo. Sinds Otis er is, heb ik handen tekort. Probeer maar eens te gaan zwemmen met een hieperdepiep kleuter en een hieperdepiep baby. Ik verongeluk altijd een beetje de laatste tijd. Handen tekort. Zeker om foto’s mee te maken. Maar ik beloof plechtig dat mijn kindjes elke dag de Texaanse zon op hun met zonnehoedjes-beschermde hoofdjes voelen branden.

Allez, ik ga mij klaar maken om het zwembad onveilig te maken. (Voor de tweede keer zelfs vandaag!) Misschien maak ik wel een foto. Zou dat niet zot zijn?

 

Nooit meer vakantie!

1396057_10153091273749900_6909159648302302402_n

Twee weken geleden hadden we onze laatste homeschool co-op dag van het jaar en zei Oskar officieel dag tegen pre-K. De zomervakantie is begonnen, maar toch gaan wij thuis gewoon door met leren. Ik neem liever vakantie wanneer wij er aan toe zijn. Ook in België gaan we straks gewoon door, want leer je niet ook niet veel door te leven/spelen/springen/dansen?

We zijn aan het aftellen begonnen. Over een maand zijn we al in België. Tijd dat onze aanvraag voor de verlenging van ons Amerikaans visum wordt goedgekeurd en we vliegtickets kunnen boeken!

Overzomering in Texas


17096_10153050291764900_6083057724597240133_n

Oskar had deze ochtend een boterham met hagelslag op. Dat belooft meestal niet veel goeds voor het verdere verloop van de dag. Oskar op zoet ‘s morgens is een tikkende tijdbom. Of een tikkende jankbom. Of een jankende tikbom. Allez, doet er niet toe. Als Oskar ‘s morgens niets hartigs binnen heeft, barst hij voor alles in snikken uit.

“Niet met mij,” dacht ik. En hup, een paar liter organic en deetvrij (en dus totaal niet werkend) muggenspul over ons heen, Otis in de buggy met zonnekap en muggennet over én allemaal zo weinig mogelijk kleren aan. Om half negen stonden we in de speeltuin. Tot aan onze enkels in de modder, onder de muggenbeten en nog altijd met een jankende Oskar. “Ik denk dat ik een slang zag, mama! En ik kan niet meer op mijn benen staan van de pijn aan de muggenbeten. En ik heb honger.”

10481972_10153050291584900_8312259742547429762_n

Gullie denkt allemaal dat het leven in Texas hier hele dagen in je blote kont aan het zwembad zitten is met een rokende bbq op de achtergrond, hé. Ha!

De zomer is hier begonnen en dat wil in het Texaans gewoon zeggen dat je nu eigenlijk niet meer buiten komt overdag. Terwijl heel België en Nederland nu stilletjesaan hun winterjassen inruilen voor T-shirtjes en foto’s van terrasjes Instgrammen, maken wij ons op voor onze overzomering. Rolluiken dicht, airco op full speed en binnen wachten tot het oktober is.

Oskar heeft de zomer ook in zijn bol en haalde na een lenteslaap van 2 maanden weer zijn boeken boven: “Ik wil weer elke morgen rekenen en taal doen. En ik wil verder doen met cursief leren schrijven.” Tjah, veel meer kunnen we niet doen hier voor’t moment.

11102987_10153050514869900_3126078982616364896_n

Ik kijk uit naar onze zomer in België. Aaah, weer gewoon kunnen ademen als je buitenkomt. Zalig!

Homemaker op vitamientjes

Voor ik kinderen had, wist ik het zeker: ik zou nooit thuisblijfmama worden. Nee, ik zou buitenshuis werken en de kindjes netjes naar de opvang sturen. Tot ik Oskar in mijn armen had liggen. “Ik hoop dat jij nooit een oorbel neemt en nooit met een brommer gaat rijden,” waren mijn eerste fameuze woorden tegen mijn zoon. De toon was gezet. Want ja, als je niet wil dat je zoon een oorbel neemt dan moet je hem wel vierentwintig uur per dag in de gaten kunnen houden natuurlijk.

Ik heb het geprobeerd, hoor. Buitenshuis werken en tegelijk mama zijn, maar ik kon het niet. Ik huilde elke keer ik Oskar moest achterlaten en ‘s avonds racete ik als een gek naar huis. Ik was de Eddy Merckx van de Turnhoutsebaan. Zonder de doping dan. Misschien had ik beter wat vitamientjes geslikt, want op een dag liep de hele rat race mij voorbij. “Ik ga niet meer werken. Ik blijf bij Oskar,” riep ik op een avond hysterisch tegen Freek. En zo geschiedde. Niet omdat ik het lef had om mijn job op te zeggen, maar omdat ik ontslagen werd diezelfde week. Ik maak mezelf graag wijs dat ik nog altijd goed presteerde en ik het helemaal niet verdiende, maar als ik eerlijk ben dan weet ik dat de passie uit mijn werkrelatie was verdwenen. Mijn hart lag bij Oskar.

En nu bij Otis en Oskar.

Ik heb me jarenlang onrustig lopen afvragen wat ik later nu eigenlijk wou worden? Ik had beter naar mijn vierjarige zelf moeten luisteren. Die wist het toen al: mama. Na veel omzwervingen ben ik er uiteindelijk geraakt. Vandaag heb ik de mooiste job die ik mij maar kan inbeelden. Ik maak een thuis voor mijn kindjes. Ik ben een homemaker en ben daar verdorie trots op. Veel mensen vinden het zonde van mijn diploma’s en vooral jammer dat ik zo mijn steentje niet meer bijdraag aan de maatschappij. En nee, inderdaad… ik draag geen één steentje, maar twee steentjes bij aan de maatschappij. Zo twee van die blinkend in het zonlicht steentjes. Of dat hoop ik. En die diploma’s dan? Die gebruik ik nog wel. Als Freek straks op pensioen gaat, ga ik gewoon aan de slag. Dat dat niet kan, zeg je? Poeh, ik heb 19 jaar lang samengewoond met het levende bewijs. Mijn eigen (thuisblijf)mama heeft nu haar buitenshuisdroomjob. Een beter voorbeeld kan ik mij niet inbeelden.

bijenwas2

The Best is Yet to Come

Na bijna drie jaar Amerika kijk ik niet meer op van mensen die hun winkelkarretje van boven tot onder ontsmetten of van de liter frisdrank die je bij je pak friet en hamburger krijgt. Ik doe nog altijd niet mee aan de bacteriehysterie en frisdrank drink ik niet, maar voor de rest voel ik me behoorlijk ingeburgerd. Wij vieren net zoals iedereen Halloween en Thanksgiving, Oskar denkt en droomt in het Engels en we hebben zelfs een heuse Texaan in huis. België blijft mijn thuis, maar deze week besefte ik voor het eerst dat ik het heel moeilijk ga hebben als we hier moeten vertrekken. Amerika is de thuis van mijn kindjes. Otis is hier geboren en ons huis zit vol herinneringen aan eerste keren. Otis zijn eerste dagje thuis, Otis zijn eerste lachje, Oskars eerste keer de nacht doorslapen of Oskars eerste woordje lezen in het Engels.

Als ik denk aan ons oude huisje in Deurne moet ik altijd even naar lucht happen. En ja, ik weet dat herinneringen in je hoofd zitten en niet in huizen, maar toch… ik mis dat huis zo ongelooflijk hard. Het was zo’n warm en veilig nestje. Klein, dat wel. Een beetje een vogelkastje. Maar voor mij voelde het nooit klein aan. Ik heb me nooit, zoals meneer froeliesjes, geërgerd aan de kleine treden van de trap of het te lage plafond in de slaapkamers. (Maar ja, ik ben dan ook geen 1 meter 92 centimeter.) Zo af en toe kan ik nog wel wat traantjes laten over het feit dat Otis’ zijn eerste keren daar niet zweven tussen die van Oskar. Ik heb het vorig jaar ongelooflijk moeilijk gehad toen onze plannen om terug te keren overhoop gehaald werden. Ik keek er erg naar uit om ons oude leven weer op te pakken.

Och ja, ik kan blijven jammeren en hunkeren naar mijn oude leven, maar ik weet heel goed dat ik nooit meer mijn oude leven terug krijg. Het huis is verkocht, ik ben veranderd, ons gezin is veranderd, de economie is veranderd. Punt. Wij wonen nu in een ander huis waar we heel wat nieuwe herinneringen gemaakt hebben. En gaan maken. ‘The Best is Yet to Come’ zong Novastar ooit en awel, ik hoop dat ze gelijk hebben.

11138592_10153012627484900_7019527429064756706_n